twitter twitter

Gemeenteraadsverkiezingen in Vlaanderen: hypocrisie in een pseudodemocratie.

De electorale zieltjeskermis is voorbij. Drie maanden visten gefotoshopte karikaturen naar stemmen aan het electorale eendjeskraam. Voor deze sexenniale papierslag en bordenoorlog moest de helft van het amazonewoud er aan geloven. De tijd dat groenen uit milieuoverwegingen hun affiches en folders op afgrijselijk recyclagepapier drukten ligt ver achter ons. Politici kunnen nu hun 'fake smile' enkel maanden opbergen. Hoewel, de volgende verkiezing van 26 mei 2019 komt er snel aan.  

Vuile campagnes

Het nieuwste journalistieke verwijt, is het voeren van vuile campagnes. Vooral rechtse partijen zouden zich daartoe verlagen. De realiteit daarvan ontsnapt me echter. Als het spreken van waarheid of het aan het licht brengen van verderfelijke feiten vuil is, dan werd ik verkeerd opgevoed. Misschien behoor ik tot een vergane generatie die het spreken van de waarheid nog als beschouwen. Voor de letterjockeys mogen kiezers enkel gevoed worden met campagneleugens, loze beloftes en eufemistische lofbetuigingen. Een Tommorowland van volksverlakkerij waarbij iedereen dronken van leugens naar de pijpen van demagogen danst, is niet mijn visie op de democratie. De waarheid heeft zijn rechten en het is niet omdat je ze onthult dat je daarom onder de douche moet.

Uw stem is waardevol voor politici, maar daarom heeft ze nog geen waarde

In zo'n 80 % van de steden en gemeenten was stemmen op 14 oktober overbodig geworden. Daar hadden politici door middel van voorakkoorden voor u reeds uitgemaakt wie burgemeester en/of schepen(en) zou worden. Er werden meer burgemeester- en schepenvoordrachten getekend vóór dan na 14 oktober. Voorakkoorden zijn van alle tijden. Voor 2006 liet men coalitieakkoorden, vaak geaccompagneerd met een rijkelijke cheque, bewaren door een notaris. Die gaf deze tegen dubbele handtekening na de verkiezingen vrij. Wellicht kunnen we de staatsschuld oplossen met de cheques die nooit werden afgehaald en samen met hun akkoorden overal in Vlaanderen in kluizen van notarissen liggen. Maar ook wanneer de coalitieakkoorden niet bij een notaris in bewaring werden gegeven, waren ze waardeloos. Feit is dat deze akkoorden juridisch niet afdwingbaar zijn en eigenlijk tijdverlies. Toen had de kiezer wel degelijk nog een invloed op het al dan niet realiseren van een coalitieakkoord.

Een wijze regering?

Daar kwam in 2006 verandering in met het gemeentedecreet. De Vlaamse regering besliste toen om een verbod op te leggen om meer dan 1 voordracht van een burgemeester, schepen of voorzitter van de gemeenteraad te ondertekenen. Vandaag kan een verkozene die meer dan één akte van voordracht ondertekent, voor de duur van de zittingsperiode van de gemeenteraad niet verkozen worden als burgemeester, schepen, voorzitter van de gemeenteraad enz. Met andere woorden wie twee voordrachten ondertekent, tekent het einde van zijn politieke carrière. Daarmee maakte de Vlaamse regering coalitieakkoorden juridisch bindend en afdwingbaar. Niemand kan de scheiding nog aanvragen nadat het huwelijk werd bezegeld door een voordracht van burgemeester, schepen of voorzitter gemeenteraad. Deze praktijk heeft natuurlijk ook ranzige neveneffecten. Neem nu Oostende, daar wordt gefluisterd dat er een voorakkoord met voordrachten bestaat tussen Open VLD en N-VA. Daardoor raakte de coalitievorming volledig in het slop. In Brugge horen we dan weer dat Open VLD omwille van een voorakkoord meegenomen werd in de rooms-rode coalitie en dit ondanks het feit dat ze een comfortabele meerderheid van drie zetels overschot had. De onomkeerbaarheid van voorakkoorden is ook de reden van de vele monstercoalities in Vlaanderen. Daar loert de ideologische onbestuurbaarheid om de hoek met als gevolg een legislatuur van stilstand.

De stembusgang op 14 oktober had enkel nog waarde voor de individuele politieke backbencher die vocht voor een zitje in de gemeenteraadszaal. Over wie na 14 oktober aan de touwtjes trekt en vanuit de pluchen zetels in het college van burgemeester en schepenen over hun leefgemeenschap beslist, heeft de kiezer niets meer te zeggen. De kiezer mag nog beslissen over wie gedurende zes jaar tien magere zitpenningen per jaar ontvangt. De kip met de gouden eieren reikte men al op voorhand uit. Lang leve de (pseudo)democratie en zijn zakkenvullers.

De decreetgever kan dit ondemocratisch misbruik makkelijk voorkomen. Zo kan ze per decreet beslissen dat een voordracht pas geldig is op een door de Vlaamse regering afgeleverd formulier. Wanneer ze het formulier pas om 15 u. op de verkiezingsdag aan de gemeenten ter beschikking stelt krijgen we opnieuw democratische verkiezingen.

Over winnaars en verliezers

Na elke verkiezing worden we overspoeld met analyses die zich meestal beperken tot een vergelijking met de laatste verkiezing. Maar wie in 2012 zwaar verloor en nu een klein herstel boekt kan of mag men niet uitroepen tot (grote) winnaar van de verkiezingen. Dat is in het gros van de gemeenten het geval voor Open VLD en Vlaams Belang. Wie de vorige verkiezingen een monsterscore of exuberante vooruitgang boekte en nu een klein verlies boekt kan of mag men niet tot (grote) verliezer uitroepen. Met uitzondering van Antwerpen en de onmiddellijke contreien, aangevuld met Hasselt, Genk, Izegem en Lubbeek, is dat hoofdzakelijk het geval voor N-VA. Wie daarentegen in bijna alle gemeenten twee verkiezingen na elkaar verliest, zoals sp.a , is zonder twijfel de (grote) verliezer. Wie zoals Groen twee verkiezingen na elkaar wint mag zich als (grote) winnaar van de verkiezingen uitroepen.

Eigenlijk is de beoordeling van de verkiezingen op het niveau van de partijen te eng. Ik behoor tot de groep mensen die verkiezingen beoordeelt op zijn ideologische afbakening. In de media leeft de foutieve perceptie dat de verkiezingen, met uitzondering van de 'Deweverpagus' rond Antwerpen, door links (Groen) en het centrum (CD&V) gewonnen werd. Vorige week publiceerde Professor Matthijs in Knack een column over de resultaten in de centrumsteden. Daaruit blijkt dat rechts (Open VLD, N-VA en Vlaams Belang) steeg van 245 naar 269 zetels (+ 24),  en links ( Sp.a, Groen, PVDA) daalde van 186 naar 182 (-4). Het centrum, volledig ingenomen door CD&V, daalde van 115 naar 106 zetels (-9). Lokale lijsten zakten van 13 naar 8 zetels (-5). (in 2018 waren 6 extra zetels te verdelen) In de centrumsteden stijgt rechts ten voordele van zowat iedereen, met het centrum als grootste verliezer. Rechts krijgt straks 6, 7 of 8 en links 1, 2 of 3 burgemeesters(Oostende en Gent nog niet beslist). In 2018 had rechts vijf en links vier burgermeesters. Het centrum blijft status quo met drie burgemeesters. (In 2012 was er één burgemeester van een lokale lijst die nu verdwenen is.) Wanneer we de oefening zouden maken voor gans Vlaanderen meen ik dat CD&V op het platteland wel een en ander goed maakt, maar dat de verhouding tussen links en rechts blijft. 14 oktober 2014 zag dus een significante stijging van rechtse kiezers en een daling van linkse kiezers. In Wallonië zien we net de omgekeerde beweging. Wanneer op 26 mei 2019 het 'mossel noch vis'-centrum verder daalt, rechts in Vlaanderen en links in Wallonië blijven stijgen, krijgen we onbestuurbaarheid op federaal niveau. Hoelang is het op los zand gebouwde België nog bestand tegen deze ideologische en politieke splijtzwam?   

Het cordon sanitair

Na elke verkiezing vloeit er nogal wat inkt over het cordon sanitair. Wat mij na deze verkiezing stoort is de berichtgeving in de media van het doorbreken van het cordon bij eventuele coalities tussen  Vlaams Belang en N-VA. Dergelijke coalities doorbreken geenszins het cordon vermist N-VA het cordon niet ondertekende of zelfs onderschreef. Het stoort mij wel mateloos dat Bart Dewever nu plots coalities met Vlaams Belang uitsluit en zich in de feiten wel bij het cordon aansluit. Het zijn tsevenstreken die hij leerde tijdens het kartel met CD&V. Verscheidene parlementsleden en lokale mandatarissen mogen zonder problemen hun lidkaart van Vlaams Belang inruilen voor deze van N-VA. Zij die het doen zijn van de ene dag op de andere dag geen racisten en uitschot meer, zij die het niet doen blijven dat dan wel. Een hypocriete ingesteldheid die ook de Open VLD aanhoudt. In Grimbergen ben je acceptabel vanaf het moment dat je je lidkaart van het Vlaams Belang indient. Het verdwijnen van dit plastiekje zorgt blijkbaar voor een totale metamorfose. Plots denk je totaal anders en wordt de gevaarlijke mr. Hyde de brave dr. Jeckyll, de Hulk verandert van groen monster in de lieve dokter David Banner. Alsof we allemaal schizofreen zijn. In Kortrijk voltrok zich in de vorige legislatuur een schouwspel dat deze hypocrisie pijnlijk bevestigt. In 2012 sloten Open VLD (9 zetels), sp.a(6 zetels) en N-VA (7 zetels) een nipte meerderheid van 22 op 41 zetels. In 2014 liepen twee door Vlaams Belang verkozen gemeenteraadsleden over naar N-VA. (Maarten Seynaeve en Isa Verschaete) In de gemeenteraad zetelden ze wel als onafhankelijken en maakten geen deel uit van de N-VA-fractie. Ze verleenden wel hun steun aan de broze meerderheid van Van Quickeborne. Toen in 2015 gemeenteraadslid Steve Vanneste en schepen Waelkens N-VA de rug toekeerden en onafhankelijk gingen zetelen had Quickie geen meerderheid meer en moest hij rekenen op gedoogsteun van 2 stemmen van de als onafhankelijk zetelende, door de kiezers van het Vlaams Belang verkozen, gemeenteraadsleden. Een coalitie met gedoogsteun van de kiezers van het Vlaams Belang. Geen probleem volgens de Open VLD want het plastiekje met logo van het Vlaams Belang hadden ze niet meer op zak. Ook de socialistische coalitiepartner met aan het hoofd moraalridder Philippe Decoene zag geen probleem. De pilaarbijters van de CD&V kregen in Kortrijk lessen in hypocrisie van 'Quick en flupke'.

Het belangrijkste gevolg van het cordon is het feit dat het Vlaams Belang geen bewijs moet leveren van bekwaamheid tot besturen en zijn programma niet afgetoetst wordt aan de realiteit van een deelname aan het beleid. Zonder het cordon was Vlaams Belang in verschillende steden en gemeenten in coalities getreden, en kon de kiezer zijn keuze in de praktijk omgezet zien en beoordelen. Ik ben blij dat Trump straks door de kiezer kan beoordeeld worden op zijn beleid. Is ook dat niet een basisprincipe van onze democratie?

Het democratisch deficit van het 'cordon sanitair' is dat we het Vlaams Belang en zijn programma nooit kunnen beoordelen op basis van een praktijktest.

 

Ignace Vandewalle 

 

 

<< Terug naar alle berichten

Bookmark and Share

© 2019 Ignace Vandewalle  |  webdesign by Creatief.be